Terras Aan Zee

In de zomer loopt zij rond op een terras
Zij haalt wat kopjes op of vult opnieuw een glas
Men kent haar als een blije vrouw
Maar in september komt de rouw
Dan gaat ze zitten denken hoe het was

In het najaar kan zij soms ineens verlangen
Naar een nieuw seizoen, de zomer en de zee
Al staat ze thuis de kamer te behangen
Soms trekt een groot verlangen haar dan mee

Daar loopt ze in de regen op het strand
Of raapt een blikje op bij ’t lege restaurant
Er steekt een want uit iedere mouw
Zij blijft ook nu de kuststrook trouw
Straks kruipt ze bij de kachel met een krant

In de winter kan zij ook intens verlangen
Niets anders dan het strand stemt haar tevree
Haar gedachten worden menigmaal gevangen
Door de zomerzon en het terras aan zee